Munten en rekenmachine op een bureau, symbool voor het berekenen van beleggingskosten bij kleine bedragen Munten en rekenmachine op een bureau, symbool voor het berekenen van beleggingskosten bij kleine bedragen

Wanneer wordt beleggen met een klein bedrag te duur: een vergelijking van kostenstructuren

Je maakt je eerste inleg van €25 en krijgt een bevestigingsmail. Onderaan staat: transactiekosten €2,00. Dat is 8% van je inleg, verdwenen nog voordat de markt ook maar één kant op is gegaan. Dit is precies het moment waarop beleggen met een klein bedrag ophoudt slim te zijn en een kwestie van platform- en kostenstructuur wordt. In dit artikel vergelijken we wat die kosten in de praktijk betekenen, en wanneer je beter kunt overstappen of wachten.

De pijngrens: wanneer eten kosten je rendement op

Een ETF op een brede index levert historisch gezien zo’n 6 tot 7% per jaar op. Dat klinkt comfortabel, maar het is een gemiddelde over decennia en vóór kosten. Als jij maandelijks €25 inlegt en daarvoor €2 transactiekosten betaalt, betaal je op dat moment 8% kosten. Je rendement van 6% compenseert dat nooit, ook niet op langere termijn.

Vergelijk de drie inlegbedragen:

  • €25 per maand met €2 vaste transactiekosten: 8% kostendruk per inlegmoment
  • €50 per maand met €2 vaste transactiekosten: 4% kostendruk
  • €100 per maand met €2 vaste transactiekosten: 2% kostendruk

Alleen bij €100 begin je in de buurt te komen van het rendement dat je maakt. De vuistregel die veel financiële planners hanteren: totale kosten per inlegmoment mogen niet meer dan 1% van de inleg bedragen. Dat betekent dat je bij €2 vaste transactiekosten minimaal €200 per keer moet inleggen om aan die grens te voldoen. Voor de meeste startende beleggers is dat niet haalbaar.

Twee kostenmodellen die alles bepalen

Er zijn in grote lijnen twee manieren waarop platforms kosten rekenen, en ze gedragen zich tegengesteld afhankelijk van je inleggrootte.

Het eerste model is vaste transactiekosten. Je betaalt een vast bedrag per order, ongeacht de hoogte. Dit model beloont grote inlegbedragen en bestraft kleine. Hoe meer je in één keer belegt, hoe lager de kosten als percentage van de inleg.

Het tweede model is procentuele servicekosten of beheerkosten. Je betaalt een percentage van je totale belegd vermogen per jaar, zonder transactiekosten bij aankoop. Dit model is gunstig voor kleine, frequente inleggers, maar wordt juist duurder naarmate je vermogen groeit. Bij €50.000 belegd vermogen betaal je bij 0,25% per jaar €125 per jaar puur aan beheerkosten, los van de eigen kosten van de ETF.

Platformvergelijking: vaste transactiekosten

Bekende Nederlandse en in Nederland populaire brokers met vaste transactiekosten zijn onder meer DEGIRO en Saxo Bank. DEGIRO rekent voor ETF’s op de kernselectie geen transactiekosten (eenmaal per maand per ETF), maar buiten die selectie gelden tarieven van €1 tot €3 per transactie afhankelijk van de beurs. Saxo Bank hanteert hogere minimumkosten per transactie, waardoor het platform bij kleine bedragen snel duur wordt.

Wat dit betekent voor bedragen onder de €100: zelfs €1 transactiekosten op een inleg van €50 is al 2% kostendruk. Daarmee eet je direct een derde van je verwachte jaarrendement op bij slechts één inlegmoment.

Platformvergelijking: procentuele kosten

Platforms als Peaks, Meesman en Brand New Day werken met procentuele modellen. Peaks rekent een vaste maandelijkse fee van €1 plus een percentage over het belegd vermogen. Bij een klein belegd vermogen van €300 is die vaste €1 per maand relatief zwaar. Meesman hanteert een jaarlijkse fondskostenstructuur van rond de 0,5% tot 0,6% all-in, geen transactiekosten. Brand New Day werkt vergelijkbaar.

Wanneer wordt dit model duurder? Dat hangt af van hoe snel je vermogen groeit. Bij een vermogen van €20.000 en 0,5% kosten betaal je €100 per jaar. Een platform met vaste transactiekosten van €1 per maand kost je dan €12 per jaar. Het procentuele model wordt dus relatief duurder zodra je vermogen de grens van €5.000 tot €10.000 passeert, afhankelijk van de exacte tarieven.

De breekpunttabel

Platform (type) Transactiekosten Jaarlijkse servicekosten Minimale maandinleg voor kosten onder 1%
DEGIRO (kernselectie ETF) €0 (1x per maand per ETF) €0 €0 (effectief gratis)
DEGIRO (buiten kernselectie) €1 tot €3 €0 €100 tot €300
Meesman €0 ca. 0,5 tot 0,6% per jaar Altijd onder 1% per inlegmoment
Peaks €0 €1 per maand + percentage Afhankelijk van vermogen; bij klein bedrag relatief hoog
Saxo Bank Minimum €5 per order €0 Minimaal €500 per order

Deze tabel geeft een indicatie. Controleer altijd de actuele tarieven op de website van het platform, want kosten worden geregeld aangepast.

Verborgen kostenlagen die kleine beleggers missen

Transactiekosten zijn zichtbaar. Maar er zijn kostenlagen die veel beleggers over het hoofd zien zeker bij kleine bedragen.

De spread op een ETF is het verschil tussen de bied- en vraagprijs op het moment van kopen. Bij minder liquide ETF’s of op rustige handelsmomenten kan dit 0,1% tot 0,3% zijn. Onzichtbaar, maar reëel. Valutakosten spelen een rol als je in dollars genoteerde ETF’s koopt. Sommige platforms rekenen 0,1% tot 0,5% valutaomrekening. Bij €25 is dat klein, maar het telt mee. Inactivity fees worden door enkele platforms gerekend als je een periode niet handelt. En dividendverwerkingskosten kunnen een paar cent tot euro’s per uitkering zijn, wat bij kleine posities procentueel zwaar weegt.

Rekenscenario 1: de €25-belegger over 5 jaar

Stel je belegt €25 per maand via een platform met €1 transactiekosten. Over 5 jaar is dat 60 transacties en €60 aan directe transactiekosten. Bij 6% gemiddeld jaarrendement groeit je totale inleg van €1.500 naar ongeveer €1.740. Maar die €60 aan transactiekosten, plus het gemiste rendement op dat bedrag, kost je uiteindelijk dichter bij €80 aan eindvermogen. Dat is ongeveer 4,6% van je eindvermogen.

Via DEGIRO met een ETF op de kernselectie (geen transactiekosten) zou je datzelfde eindvermogen volledig behouden. Na 5 jaar scheelt dat €80. Bij kleine bedragen is platformkeuze dus de meest directe beïnvloedbare variabele in je rendement.

Rekenscenario 2: de €50-belegger en het omslagpunt

Bij €50 per maand en €1 transactiekosten betaal je 2% per inlegmoment. Over 5 jaar groeit je inleg naar ongeveer €3.480. De transactiekosten kosten je cumulatief inclusief gemist rendement rond de €130 aan eindvermogen. Dat is 3,7%.

Op dit punt loont het serieus om te overwegen naar een platform te stappen met gratis maandelijkse inleg in een kernselectie-ETF. Het omslagpunt voor de €50-belegger ligt al bij de eerste inlegmaand: elke maand met €1 transactiekosten is verlies ten opzichte van een gratis alternatief, mits de ETF-keuze vergelijkbaar is.

De spaardrempel-strategie: minder instappers, groter bedrag

Als je een platform gebruikt met vaste transactiekosten en je kunt de inleg niet verhogen, is er een rationele tussenoplossing. Spaar maandelijks op een spaarrekening en beleg eens per kwartaal een groter bedrag. Vier keer €75 in plaats van twaalf keer €25 verlaagt je totale transactiekosten bij €1 per order van €12 naar €4 per jaar, een besparing van €8. Over 5 jaar is dat €40 plus het rendement op dat bedrag.

Het nadeel is dat je minder gebruik maakt van het gemiddeld-prijs-effect (elke maand instappen bij verschillende koersen), maar bij bedragen tot €100 per maand wegen de kosten van dat effect zwaarder dan het voordeel ervan. De spaardrempel-strategie is dus bij kleine bedragen en vaste transactiekosten bijna altijd de slimmere keuze.

Drie vragen om je kostenpositie te berekenen

Gebruik deze drie vragen voordat je een platform kiest of overstapt:

  • Wat betaal ik per inlegmoment als percentage van mijn inleg? Deel de transactiekosten door het inlegbedrag. Zit je boven de 1%, zoek dan een goedkoper alternatief of vergroot je inlegbedrag.
  • Wat betaal ik per jaar aan platformkosten als percentage van mijn totale belegd vermogen? Tel transactiekosten en servicekosten bij elkaar op en deel door je belegd vermogen. Zit je boven de 0,5%, los van de ETF-kosten zelf, dan is er waarschijnlijk een goedkoper alternatief.
  • Welke verborgen kosten heb ik nog niet meegerekend? Denk aan spreads, valutakosten en dividendverwerkingskosten. Een simpele manier is om twee identieke ETF-aankopen te vergelijken op verschillende platforms via een demo of door de exacte uitvoeringskoers te vergelijken met de werkelijke marktkoers op dat moment.

Bij inlegbedragen onder de €100 per maand bepaalt platformkeuze grotendeels of beleggen je iets oplevert. Een ETF via de kernselectie van DEGIRO of een fonds via Meesman zonder transactiekosten presteert in bijna alle gevallen beter dan een platform met zelfs maar €1 vaste kosten per order. Zit overstappen er nu niet in, dan is de spaardrempel-strategie een bruikbaar alternatief. Controleer in elk geval je eigen kostenpositie met de drie vragen uit dit artikel. Pas als de kosten onder de 1% per inlegmoment blijven, werkt beleggen in je voordeel.