Spaarpot met munten als symbool voor belastingvrij sparen Spaarpot met munten als symbool voor belastingvrij sparen

Belastingvrij sparen in 2026: tot welk bedrag blijf je buiten schot?

Je saldo staat op een mooie vijf ton en ergens in je achterhoofd bekruipt je het gevoel dat de Belastingdienst daar ook iets van wil zien. Of je hebt net een erfenis ontvangen en geen idee waar de grens ligt. In dit artikel zie je precies tot welk bedrag je spaargeld buiten schot blijft, wat er wél meetelt en hoe schulden of groene beleggingen je belastbare vermogen kunnen verlagen.

Hoeveel mag ik in 2026 sparen zonder belasting te betalen?

De heffingsvrije vrijstelling in box 3 bedraagt in 2026 €57.684 per persoon. Zolang jouw totale vermogen in box 3 onder dat bedrag blijft, betaal je geen vermogensbelasting. Dat is het simpele antwoord. Zit je erboven, dan betaal je alleen belasting over het deel dat boven die grens uitkomt, niet over het hele spaarsaldo.

Geldt het vrijstellingsbedrag per persoon of per huishouden?

Per persoon. Ben je alleenstaand, dan geldt die €57.684 voor jou alleen. Ben je fiscale partners (getrouwd, geregistreerd partnerschap of samenwonend met een samenlevingscontract en aan bepaalde voorwaarden voldoend), dan mag je de vrijstellingen optellen. Samen heb je dan recht op €115.368 vrijstelling.

Fiscaal partnerschap is hier een voordeel als één van jullie weinig of geen vermogen heeft. Stel dat jij €90.000 spaart en je partner €10.000. Samen is dat €100.000, ruim onder de gezamenlijke vrijstelling van €115.368. Geen belasting dus. Als jullie apart zouden worden aangeslagen, zou jouw vermogen al boven de grens uitkomen.

Wat telt de Belastingdienst precies mee als ‘vermogen’ in box 3?

Box 3 gaat over je vermogen buiten je eigen woning en je pensioen. Wat telt wél mee:

  • Spaarrekeningen en betaalrekeningen (het saldo op 1 januari)
  • Beleggingsrekeningen, aandelen en obligaties
  • Een tweede woning of vakantiewoning (op basis van de WOZ-waarde)
  • Crypto, ook als dat op een buitenlands platform staat
  • Vorderingen op andere personen of bedrijven

Wat telt niet mee: je eigen koopwoning (die valt in box 1), je pensioen en lijfrenteverzekeringen, en de waarde van je auto of inboedel. Je spaargeld bij een werkgever via een spaarloonregeling telt ook niet mee, voor zover het nog onder de oude regels is geblokkeerd.

Hoe berekent de Belastingdienst de belasting als ik boven de vrijstelling zit?

De Belastingdienst werkt in 2026 met een stelsel waarbij spaargeld, beleggingen en schulden elk een eigen forfaitair rendement krijgen. Dat betekent: de fiscus berekent een fictief rendement, ongeacht wat je werkelijk hebt verdiend op je spaargeld.

De tarieven voor 2026 zijn als volgt ingedeeld (dit zijn de voorlopige forfaits op basis van de methode die sinds de herziening van box 3 geldt):

  • Banktegoeden (spaarrekeningen): een lager forfait, gekoppeld aan de gemiddelde spaarrente in het jaar daarvoor
  • Overige bezittingen (beleggingen, tweede woning, crypto): een hoger forfait
  • Schulden: een aftrekbaar forfait

Over het berekende rendement betaal je vervolgens 36% belasting (het box 3-tarief in 2026).

Een concreet voorbeeld: stel je hebt €120.000 op een spaarrekening staan en je bent alleenstaand. De vrijstelling is €57.684. Je belastbare vermogen is dan €120.000 minus €57.684 = €62.316. Stel dat het forfait voor banktegoeden 1,44% bedraagt (een realistisch niveau op basis van recente spaarrentes). Dan is het berekende rendement 1,44% van €62.316 = circa €897. Daarover betaal je 36% belasting: ongeveer €323 per jaar. Niet een rampzalig bedrag, maar het loont om het te weten zodat je niet voor verrassingen staat bij de aangifte.

Ik heb een schuld én spaargeld, mag ik die van elkaar aftrekken?

Ja, schulden mogen worden afgetrokken van je vermogen in box 3. Maar let op: er geldt een drempelschuld. De eerste €3.800 per persoon (of €7.600 voor fiscale partners) aan schulden mag je niet aftrekken. Pas het deel daarboven telt als aftrekbare schuld.

Heb je dus €60.000 op de spaarrekening en €10.000 schuld (bijvoorbeeld een persoonlijke lening), dan is je nettovermogen voor box 3: €60.000 minus (€10.000 minus €3.800) = €60.000 minus €6.200 = €53.800. Dat valt als alleenstaande net onder de vrijstelling van €57.684. Geen belasting.

Je hypotheekschuld op je eigen woning telt trouwens niet mee in box 3, die hoort bij box 1.

Mijn spaargeld stond maar een deel van het jaar op de rekening. Telt de peildatum of het gemiddelde?

De peildatum. De Belastingdienst kijkt uitsluitend naar jouw vermogen op 1 januari van het belastingjaar. Voor het belastingjaar 2026 is dat dus 1 januari 2026. Wat er daarna is gebeurd met je spaarsaldo, is voor de aanslag van 2026 niet relevant.

Dit heeft een praktisch gevolg: wie vlak voor de jaarwisseling een groot bedrag op de rekening had staan, betaalt daarover belasting, ook als het geld er in februari alweer af was. Omgekeerd: wie vlak na 1 januari een erfenis ontving of een woning verkocht, hoeft dat bedrag pas bij de aanslag van 2027 mee te tellen.

Sommige mensen verschuiven bewust vermogen rond de jaarwisseling om onder de vrijstelling te blijven. De Belastingdienst is hier alert op en kan dit als belastingontwijking aanmerken als het puur en alleen voor fiscale doeleinden gebeurt zonder ander reëel doel.

Zijn er extra vrijstellingen die mijn belastbare vermogen verlagen?

Ja, een paar die de moeite waard zijn om te kennen:

Toeslagen hebben een eigen vermogensgrens die los staat van de box 3-vrijstelling. Voor toeslagen zoals huurtoeslag en zorgtoeslag telt je vermogen in box 3 ook mee, maar de grenzen daar zijn lager. Houd er rekening mee dat je toeslag kunt verliezen terwijl je nog geen belasting betaalt in box 3.

Grensgevallen in één oogopslag

Situatie Vermogen (alleenstaand) Belasting in box 3? Wat je moet doen
Ruim onder de vrijstelling €40.000 Nee Niets bijzonders; gewoon invullen bij aangifte
Net erboven €65.000 Ja, over circa €7.316 Controleer schulden en groene beleggingen; aangifte verplicht
Ver erboven €200.000 Ja, over circa €142.316 Laat je adviseren over spreiding en eventuele groene beleggingen

Als alleenstaande blijf je buiten schot tot €57.684. Fiscale partners samen tot €115.368. Wat erboven zit, valt in box 3 en wordt belast op basis van een forfaitair rendement. Controleer je saldo op 1 januari, kijk welke schulden of vrijstellingen van toepassing zijn, en reken vanuit dat punt verder. Meer is het niet.